Overheid
Luxemburg: mobiele apps vergroten het GIS-gebruik
17 februari, 2026 | Xavier Fodor
Door geografische data dichter bij de medewerkers op het terrein te brengen, heeft de Stad Luxemburg haar GIS omgevormd tot een dienstenplatform in het hart van de bedrijfsprocessen.
Het GIS van de Stad Luxemburg werd al begin jaren 2000 gestructureerd en is sinds 2009 verder uitgebouwd rond Esri-oplossingen. Het groeide uit tot een transversale digitale infrastructuur, die zowel door stedelijke diensten als door burgers wordt gebruikt. Vandaag maken bijna duizend mensen, ofwel een kwart van het personeelsbestand, gebruik van geografische data, vaak via vakspecifieke applicaties of dashboards. Deze brede verspreiding steunt op een strategische keuze: data dichter bij het terrein brengen door sterk in te zetten op de ontwikkeling van mobiele applicaties.
De GIS-dienst maakt deel uit van de Dienst Topografie en Geomatica. Het team is bewust compact gehouden, maar sterk gestructureerd, met complementaire profielen zoals geomatici, een ontwikkelaar, database- en netwerkbeheerders en een tekenaar-topograaf. “We zijn een klein team, maar met een zeer brede actieradius”, legt Marc Orban uit, diensthoofd sinds 2020. “Onze rol bestaat erin de datakwaliteit te waarborgen, de GIS-infrastructuur te onderhouden en de diensten te ondersteunen in hun dagelijkse gebruik.” Die centrale positie is geleidelijk gegroeid. Al in 2003 introduceerde de Stad een kadastraal informatiesysteem, gevolgd in 2007 door een eerste geoportaal voor het stedelijk publiek. Dat was toen een uitgesproken pioniersinitiatief, gedreven door de wil om geografische informatie te delen buiten de kring van specialisten. “Google Maps bestond nog niet toen digitale basiskaarten en points of interest beschikbaar werden gesteld via een Hotcity-applicatie. Die diende als basis voor tal van projecten, waarvan sommige vandaag nog in 3D beschikbaar zijn op het CityMap-portaal.”
Aanvankelijk lag de focus op het naleven van wettelijke verplichtingen, met een gecontroleerd gebruik dat gericht was op interne noden. Vandaag voedt GIS quasi alle stedelijke diensten. Ruimtelijke ordening, milieu, technische diensten, wegenbeheer, openbare verlichting, beheer van stedelijke eigendommen en economische ontwikkeling steunen dagelijks op geolokaliseerde data. “Sommige diensten gebruiken GIS vooral om informatie te raadplegen, andere produceren zelf data, met interne aanspreekpunten die optreden als vakspecialisten in geomatica”, verduidelijkt Stefan Useldinger, verantwoordelijke voor geomatica. Van de duizend gebruikers worden er een honderdtal beschouwd als gevorderde gebruikers, die databanken kunnen verrijken of applicaties aansturen zonder ondersteuning van het GIS-team.
De voorbije jaren was vooral het domein milieu en ecologische transitie bijzonder actief. Het zonnekadaster, inventarissen van groendaken, emissie-opvolging en rattenbestrijdingscampagnes steunen allemaal op GIS-applicaties die intussen onmisbaar zijn geworden. “Luxemburg is de eerste stad van het Groothertogdom die al in 2008 beschikte over een 3D-model voor het zonnekadaster. In 2009 werd een eerste 3D-inwinning van gebouwen gerealiseerd op basis van hoge-resolutie luchtbeelden voor een wijk van de Stad. In 2014 was het volledige grondgebied van de Stad in 3D beschikbaar en sindsdien worden er regelmatig updates uitgevoerd”, licht Stefan Useldinger toe. Ook de Dienst Economische en Commerciële Ontwikkeling behoort tot de grote gebruikers, onder meer voor de opvolging van handelszaken en leegstand. “Deze diensten hebben nood aan voortdurend actuele informatie”, zegt Chrystelle Coquin, ingenieur geomatica. “GIS biedt hen een betrouwbaar, gedeeld en evolutief observatie-instrument, dat zowel dient voor operationele opvolging als voor besluitvorming.”
De echte schaalvergroting kwam er met de opkomst van mobiele applicaties zoals Field Maps, Quick Capture en Workforce. De eerste experimenten dateren van 2018, met een applicatie voor het handelsregister die toegankelijk was via een mobiele browser. De technische beperkingen waren toen nog aanzienlijk. “Dat is veranderd met de toegenomen kracht van smartphones en de grotere maturiteit van mobiele GIS-oplossingen”, herinnert Marc Orban zich. Vanaf dat moment nam het aantal vragen vanuit de terreinservices sterk toe.
Een indrukwekkende waaier aan use cases
Vandaag gebruikt de Stad Luxemburg enkele tientallen applicaties, zowel mobiel als desktop, waarvan een twintigtal specifiek gericht is op terreinwerk, onder meer voor de gemeentelijke bossen, de hygiënedienst en de wegendienst. Deze applicaties steunen op configureerbare oplossingen, zonder zware ontwikkeltrajecten, die offline kunnen werken en zich aanpassen aan uiteenlopende vakcontexten. “Ons doel is om medewerkers eenvoudige tools te bieden die snel inzetbaar zijn en echt meerwaarde hebben op het terrein”, benadrukt Stefan Useldinger. Foto’s nemen, slimme formulieren, nauwkeurige geolocatie en automatische synchronisatie zijn intussen standaardfunctionaliteiten.
Bij de Hygiënedienst worden mobiele applicaties ingezet voor het beheer van grofvuil. Meldingen op het terrein worden gedocumenteerd met foto’s, die meerdere jaren als bewijs worden bewaard en geïntegreerd in dashboards die door de hotline kunnen worden geraadpleegd. Een pilootproject onderzoekt het gebruik van artificiële intelligentie om bepaalde beelden automatisch te analyseren en situaties te classificeren. “Dat bespaart tijd en zorgt ook voor meer uniforme werkwijzen.”
Ook de diensten Wegen en Riolering maken gebruik van mobiele applicaties voor de controle van graafwerken en het onderhoud van goten, putten en slibvangers. Inspecties worden gekoppeld aan specifieke geografische objecten, met relaties tussen tabellen om de historiek van interventies te volgen. Automatiseringen vervolledigen het systeem voor inspectie-opvolging en campagnebeheer. “Deze tools helpen om processen te structureren die vroeger sterk afhankelijk waren van individuele werkwijzen”, vat Stefan Useldinger samen.
Een levend GIS
De ontwikkeling van deze applicaties gebeurt grotendeels intern door het geomaticateam. De Stad beschikt over een ticketsysteem, dat zowel wordt gebruikt voor dagelijkse incidenten als voor aanvragen voor nieuwe ontwikkelingen. “Diensten formuleren een zeer concrete operationele nood en een duidelijke probleemstelling”, legt Chrystelle Coquin uit. “Projecten worden in nauwe samenwerking opgebouwd. We analyseren hun behoefte en stellen de meest geschikte oplossing voor, soms anders dan hun oorspronkelijke vraag.”
Ook al gebruikt het team de term zelf niet, deze werkwijze sluit aan bij een agile aanpak. Projecten worden pragmatisch aangepakt, met korte doorlooptijden en kleine teams. Sommige applicaties zijn bedoeld voor tijdelijk gebruik, bijvoorbeeld voor de duur van een campagne of een pilootproject. Het gebruik wordt nauwgezet opgevolgd via gebruiksstatistieken en feedback van gebruikers. “GIS moet levend blijven”, benadrukt Stefan Useldinger. “Je moet durven evolueren en zelfs tools schrappen wanneer de noden veranderen.” Opleiding speelt een sleutelrol in deze dynamiek. Jaarlijks worden twee sessies georganiseerd, rond basiskennis en geavanceerd gebruik. “Het is ook een manier om ideeën te laten ontstaan en nieuwe behoeften in de diensten naar boven te brengen”, vult Marc Orban aan.
De sterke groei van mobiel gebruik past binnen een “historisch partnerschap” met Esri BeLux, dat de teams zowel technologisch als methodologisch ondersteunt. “Dankzij onze Enterprise Agreement hebben we zeer brede toegang tot oplossingen en regelmatige begeleiding, of het nu gaat om technologie-opvolging, opleiding of support”, zegt Ben Zeimetz, ingenieur geomatica. Die nauwe samenwerking leidde er onder meer toe dat de Stad in 2020 werd bekroond met een SAG Award voor haar CityMap-portaal. Uiteindelijk heeft het GIS van de Stad Luxemburg zich gevestigd als een volwaardig dienstenplatform, nauw afgestemd op de realiteit van het terrein. Door in te zetten op mobiele applicaties heeft het geomaticateam geografische data toegankelijk, nuttig en direct inzetbaar gemaakt voor een breed publiek van stedelijke medewerkers. “GIS is niet langer een tool voor enkele specialisten”, besluit Marc Orban. “Het is een gemeenschappelijke taal die iedereen toelaat om met dezelfde informatie te werken, op de juiste plaats en op het juiste moment.”
Xavier Fodor
Een stadsplan voor kinderen, samen ontwikkeld
Een van de meest originele mobiele toepassingen komt van de Dienst Onderwijs, die het initiatief nam voor de ontwikkeling van een stadsplan voor kinderen. Doel is om de dagelijkse verplaatsingen van leerlingen beter te begrijpen en aandachtspunten rond scholen in kaart te brengen. Het project formuleert aanbevelingen voor acties in de omgeving van scholen om de veiligheid en toegankelijkheid van routes te verbeteren. Het unieke aan deze aanpak is de rechtstreekse betrokkenheid van kinderen, die hun school- en vrijetijdsroutes, favoriete plekken en hun beleving van gevaarlijke zones delen. Met ArcGIS Field Maps kunnen zij, met minimale opleiding, informatie op het terrein geolokaliseren en rechtstreeks integreren in het GIS van de Stad. De kaart wordt vormgegeven door het Duitse bureau IKS Mobilitätsplanung. “Het idee is om een voorstelling te maken die kinderen aanspreekt, maar tegelijk bruikbare data oplevert voor de Stad.” Tot nu toe namen al 36 klassen deel aan het initiatief. Deze “self-runner”-logica illustreert de ambitie om mobiel in te zetten als versneller van GIS-gebruik in participatieve projecten, waarbij data samen met inwoners wordt opgebouwd, al van op jonge leeftijd.